- door Arne Pauwels
De afgelopen weken laaide de euthanasiediscussie in Vlaanderen weer op. Niet echt een literair onderwerp, ware het niet dat de opflakkering het gevolg was van “de zelf gekozen dood” van
Hugo Claus. De discussie beperkte zich voorheen vooral tot de fysieke gezondheid van de patiënten in kwestie. Termen als “ondraaglijk lijden” voerden de boventoon, maar tot een echte definitie komen lijkt niet zo eenvoudig. Want wat heet ondraaglijk lijden voor iemand die zichzelf een leven lang in de spotlights zette als dé grote, Vlaamse schrijver van zijn generatie? En dus wordt de discussie nu opengegooid naar de buitengrenzen van het ondraaglijk lijden, naar meer literaire gronden, als u wil.
Want was het daar niet waar Guy Verhofstadt op doelde toen hij het volgende schreef in zijn
hommage aan de overleden schrijver:
Maar beseffen dat men niet meer weet wat zich vijf minuten geleden heeft afgespeeld. De dag verwarren met de nacht. De ochtend, de middag, de avond niet meer van elkaar kunnen onderscheiden. Het glas wijn, de kop koffie die vanaf de rand van de tafel op de grond uiteenspat. Niet goed meer weten hoe men stappen moet, hoe de ene voet voor de andere te zetten. Dat is allemaal niet erg voor een schrijver. Dat zijn slechts pietluttige details.
Daar ging het hem dus niet om. Maar bijna niet meer in staat zijn woorden tot heldere frasen te kneden, de gepaste uitdrukkingen en metaforen te creëren, iets wat hem verdomme meer dan zestig jaar geen moeite had gekost, dat was - denk ik - een onontkoombare en ondragelijke kwelling geworden.
Een ondraaglijke kwelling. Dat komt aardig in de buurt van het ondraaglijke lijden waar in de parlementaire discussies mee geschermd werd. Verhofstadt gooide de discussie dus – bewust? – zelf open door Claus’ mentale aftakeling op die manier te beschrijven. Dat de Vlaamse liberalen enkele dagen later een pleidooi hielden voor een verbreding van de euthanasiewet was dus zeker geen toeval. De politieke
godfather had gesproken, de rest sprong in het gelid.
Nu wil ik Verhofstadt niet verdenken om van Claus’ dood een politiek spel te maken – dat lag eerder in de aard van Claus zelf als we zijn publieke
persona voor waar mogen aannemen. De katholieke kerk deed dat bij monde van zowat elke Vlaamse priester tijdens de paashomilieën wél. Claus’ zelfgekozen tijdstip voor zijn dood – zo bleek – was geen heldendaad, en al helemaal geen voorpaginanieuws, of letterlijker: “Door zomaar uit het leven te stappen antwoordt men niet op het probleem van lijden en dood. Men loopt er in een boog om heen en omzeilt het. Omzeilen is geen heldendaad.”
Het is een te lange discussie om daar hier in drie zinnen nog iets aan toe te voegen, maar ik probeer het toch. Ten eerste was het niet de euthanasie van Claus die voorpaginanieuws was, maar de dood van een groot Vlaams schrijver. Ten tweede was zijn dood dan misschien geen heldendaad, maar wel zijn recht als mens en misschien ook preciezer - in zijn geval - als schrijver. De katholieke kerk stopt zelfdoders al te lang in het hokje van lafaards (dixit een voorganger in het Mechelse, die deze keer niet naar de naam Danneels lusitert), mensen die om problemen heen lopen. In principe mogen zelfdoders zelfs geen kerkelijke begrafenis krijgen. Dat lijkt mij een verkeerde houding. Ik geef kardinaal Danneels wel gelijk wanneer hij zegt dat euthanasie voor een stuk deel heeft aan het taboe van het lijden. Nu is de katholieke kerk net geboren uit een lijdensweg, en kan ze zelf er nogal moeilijk om heen stappen, maar in veel euthanasiegevallen is er precies wel meer dan voldoende plaats geweest voor een vorm van lijden. Of dat in het geval van Claus ook het geval was, kan ik niet beoordelen, maar ik kan me voorstellen dat Verhofstadt niet zo heel ver van de waarheid zit. Of Chantal Sébire, die met een ongeneeslijke tumor in het gezicht leefde, ondraaglijke pijn leed, lijkt me wel vast te staan. Is het dan niet precies barmhartigheid om die mensen de verlossing te schenken?
En wat met Christus zelf? Die op het kruis zijn Vader aanriep en zijn meest kwetsbare, meest menselijke kant liet zien met de woorden: Eli, eli, lama sabakhtani. Wat met Christus, die – anders dan de katholieke kerk van tegenwoordig – ook aan het kruis nog een medemens kon vergeven voor zijn begane zonden?